Volg dit blog per email

dinsdag 10 november 2015

DON'T GIVE UP YOUR DAY JOB

‘Zelfs als je jezelf zo gelukkig mag prijzen dat je wordt uitgegeven, dan zul je daar als doorsneedebutant niet meer dan een paar duizend euro mee verdienen. Ik zou dan ook zeggen dat schrijven veel leuker is dan rijk of beroemd zijn.’ Dat schrijft Paul Sebes in Bestseller, een van de vele hulpboeken voor beginnende schrijvers en hobbyisten die ervan dromen ooit de prins(es) op het Boekenbal te zijn.

De algemene teneur in al die hulpboeken is: de kans om succesvol schrijver te worden is kleiner dan het winnen van een miljoenenprijs in de Staatsloterij. Maarten Beernink schrijft in Verdienen met uitgeven: ‘Voor jou is dit boek een van de belangrijkste bezigheden op dit moment en het slokt veel van je kostbare tijd op. (…) Voor je toekomstige lezers ligt die betrokkenheid heel anders. Voor hen is het boek slechts een verzameling pagina’s met een kaft erom. Misschien zelfs niet meer dan vulling voor de boekenkast. Aan jou de schone taak om voor relevantie te zorgen, want je lezer zit helemaal niet op je boek te wachten.’

SCHRIJVEN IS NIET LEUK
Nu de release van BUCH, de biografie van Menno die ik samen met Nicole Buch schreef, steeds dichterbij komt neemt de spanning evenredig toe. Hoe wordt het ontvangen? Wat gaat het doen?  ‘De buitenwereld is hard en daar kun je maar beter rekening mee houden. Niemand dwingt je om de publieke arena te betreden en niemand zal het voor je opnemen als je daar ten onder gaat.’ Aldus Maarten Carbo in Succes met je boek! Slechts een handjevol mensen heeft ons boek tot op heden gelezen: een paar mensen van de uitgeverij, mijn vrouw. Zij was en is dolenthousiast. En wat schrijft Paul Sebes? ‘Familie en vrienden zijn de slechtste raadgevers.’ Fijn is dat! 
Maar Sebes schrijft ook dat mensen met schrijversambities geen pretje zijn voor hun huisgenoten. ‘Schrijven is niet leuk. Althans, niet voor mensen uit je omgeving. Schrijven is een solitaire bezigheid die veel tijd kost. Heel veel tijd.’ Dan zou je toch verwachten dat mijn eega het boek de grond in zou boren in de hoop dat ik zo snel mogelijk weer iets buiten de deur ga doen. In ieder geval iets dat geld opbrengt. Paul Sebes: ‘Een professionele schrijfcarrière is maar voor heel weinig mensen weggelegd, en talent alleen is niet voldoende. Je moet er echt hard en lang voor knokken en heel erg veel voor laten. In Nederland kan slechts een zeer select groepje van ongeveer twintig schrijvers van zijn boeken leven. (…) Zelfs schrijvers die enige roem weten te verwerven, kunnen meestal niet van hun schrijven alleen leven en hebben daarnaast de meest uiteenlopende baantjes, al dan niet relevant voor hun schrijverschap.’
‘Don’t give up your day job’ adviseert uitgever en redacteur Diana Gvozden in De Schrijfbijbel. ‘Het simpele feit is dat er jaarlijks tienduizend nieuwe titels worden uitgegeven en van die titels zijn er maar erg weinig die meer dan vijfduizend exemplaren verkopen. Hoe goed je boek ook is, hoe mooi het omslag, hoe uitgebreid het marketingplan: of je boek aanslaat is nog steeds volkomen onvoorspelbaar.’ Mijn day job is televisieprogramma’s maken. Ik ben daar inderdaad weer mee begonnen. Omdat dat ook zo'n heerlijk vak is!




   

KRITIEK
‘Wees realistisch en verwacht niet te veel van de verkoop, dan kan het altijd nog meevallen,’ aldus Beernink. Blijkbaar zijn al deze in de uitgeverijwereld zeer ervaren tipboekenschrijvers zo murw gebeukt door de zware strijd om het bestaan die er in de boekenindustrie al jaren wordt gevoerd dat deze houding het hoogst haalbare positivisme is. 
Ik denk dat deze korte tip van Paul Sebes nog wel de beste is die ik in al die boeken tegenkwam: ‘Neem jezelf niet al te serieus.’ En dan het advies van Maarten Carbo: ‘Eén ding is nog erger dan kritiek krijgen: géén kritiek krijgen. Want dat betekent dat je niet wordt opgemerkt, en dat is natuurlijk helemaal niet de bedoeling!’
Dat is ook letterlijk wat Menno in Nieuwe Revu zei, een paar maanden voordat Sex voor de Buch op televisie kwam. Menno is gelukkig altijd opgemerkt. En hoe! In BUCH zegt hij: 'Een groot publiek bereiken is voor mij belangrijk. Ik vind dat iedereen ervan moet kunnen genieten.'

Voor mijzelf is vooral belangrijk dat we een monument voor Menno hebben opgericht, en dat neemt niemand ons meer af. 
















Geen opmerkingen:

Een reactie posten