Volg dit blog per email

zaterdag 10 januari 2015

DE EINDREDACTEUR VAN CHARLIE HEBDO


Toen Nu.nl mijn smartphone liet trillen met het nieuws dat twee met Kalasjnikovs gewapende mannen alle aanwezigen op een redactievergadering van het Franse blad Charlie Hebdo hadden geëxecuteerd als wraakoefening voor de publicatie van  een aantal spotprenten, zei ik tegen mijn editor Bram: Zie je wel, teveel vergaderen is dodelijk.
In werkelijkheid zei ik dat niet – ik was geschokt en woedend en me scherp bewust van het feit dat ik me op slechts twee minuten lopen van de terroristenafdeling in de Rotterdamse gevangenis bevond; hoe zouden die heren op dit bericht reageren? -, maar ik had het mògen zeggen, want dat is een verworvenheid van de democratie. Cynische grappen kunnen weinig smaakvol zijn, slecht getimed, gevoelloos, niet grappig ook (Dat moet ik wel zeggen, er zijn veel rake exemplaren tussen de kogelregen aan cartoons die op de aanslag volgde, maar opmerkelijk weinig grappige; blijkbaar had die kernvoorwaarde van een spotprent even geen prioriteit meer), maar elk individu heeft het recht om ze te maken. Voel je je beledigd, gekwetst, of aangevallen door satire of spot, dan kun je terugslaan met humor, een ingezonden brief sturen of zelfs naar de rechter stappen. En anders is er altijd nog het reisadvies van burgemeester Aboutaleb: rot dan maar op.

Die setting, een redactievergadering, was wel precies het detail waardoor het voor mij gevoelsmatig erg dichtbij kwam allemaal. Want ik heb in mijn leven al honderden redactievergaderingen bijgewoond. Ik had daar in theorie tussen kunnen zitten. Dat kwartje viel niet meteen: in eerste instantie moest ik denken aan mijn oude maatje Marco Lap, met wie ik ooit de strip Mook maakte en die de afgelopen jaren cartoons tekende voor de Sp!ts. Stel dat hij ooit op een paar te lange tenen is gaan staan, dan komen de jihaatbaarden misschien wel bij hem langs.
Maar toen ik het artikel ‘Wie zijn de slachtoffers van de aanslag op Charlie Hebdo?’ las, zag ik in het rijtje staan: Mustapha Ourrad, eindredacteur. Geboren in Algerije, toen dat land nog onder Frankrijk viel. Al 30 jaar Parijzenaar, maar sinds vorig jaar pas trots bezitter van de Franse nationaliteit. Hij leerde zichzelf het redacteursvak en wist een baan bij Larousse, uitgever van naslagwerken, te bemachtigen. 15 jaar geleden switchte hij naar Charlie Hebdo. Een parttime baan, die hij combineerde met eindredactie van een tijdschrift over solidariteit in de zorg. Solidariteit in de zorg! Echt iemand die met je met grof geweld moet afmaken.
Ik stel me zo voor dat Mustapha ooit heeft overlegd met zijn beide hoofdredacteuren op welke dagen hij het best op welke redactie kon zijn. ‘Op woensdagen hebben we redactievergadering,’ zeiden ze dan bij Charlie Hebdo. ‘Dus dan zou het wel fijn zijn als je…’  


Mustapha Ourrad was Berber, maar hij was geen moslim. Hij was humanist, vader, belezen, hield van cultuur en filosofie, was vrij stil en praatte al helemaal nooit over zichzelf. Hij was als jongvolwassene Algerije ontvlucht vanwege het repressieve regime. Hij zocht de vrijheid, la liberté. Hij kon zich dan ook vinden in het vrijheidsideaal van Charlie Hebdo. Hij was een freelance eindredacteur van in de vijftig met een passie voor taal. Net als ik.
Totdat twee gestoorde gekken de vrijheid namen hem een kogel door zijn hoofd te jagen. En dat verdomme net een week voordat de oplage van Charlie Hebdo van 60.000 naar 1 miljoen ging. Hoeveel pech kun je hebben?

(Dat was ook weer een grap, mensen, kom op, we moeten wel blijven lachen. Je suis Charlie!)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten